
financiële oppositie, moderaat of gematigd liberaal
in de periode 1809-1844: lid Wetgevend Lichaam (1806-1810), lid Staten-Generaal, lid Tweede Kamer
Inhoudsopgave van deze pagina
Boxmeer, 2 september 1778
overlijdensplaats en -datum
's-Gravenhage, 21 maart 1844
levensbeschouwing
Rooms-Katholiek stroming(en)
"financiële oppositie"
- -landeigenaar te Boxmeer
- -luitenant-jagermeester van Boxmeer, Oeffelt en Sint Anthonis, vanaf 6 oktober 1807
- -jachtofficier van de koning in het departement Brabant, vanaf 1808
- -lid Wetgevend Lichaam, van 16 november 1809 tot 31 maart 1810 (voor het departement Brabant)
- -lid Staten-Generaal van de Verenigde Nederlanden, van 2 mei 1814 tot 1 september 1815 (voor Brabant)
- -lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 21 september 1815 tot 18 oktober 1818 (voor Noord-Brabant)
- -lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 20 oktober 1823 tot 15 oktober 1832 (voor Noord-Brabant)
- -lid Tweede Kamer der Staten-Generaal, van 18 oktober 1842 tot 12 februari 1844 (voor Moord-Brabant)
- -In 1828 één van de drie Noord-Nederlanders die tegen de buitengewone begroting voor 1829 stemde
- -Behoorde in 1829 tot de vijf Noord-Nederlanders die tegen de tienjarige begroting stemden
- -Stemde in 1830 tegen de eerste afdeling (uitgaven) van de begroting
- -Stemde in 1827 als enige Noord-Nederlander tegen de ontwerp-Schutterijwet
- -Stemde in 1828 als enige noordelijke lid voor het initiatiefvoorstel-De Brouckère tot intrekking van de wetgeving ter beteugeling van onrust en kwaadwilligheid
- -Stemde in 1829 tegen de tienjarige begroting en tegen de buitengewone begroting voor 1830
- -Stemde in 1830 tegen het wetsvoorstel tot beteugeling van hoon en laster
- -Stemde in 1840 met 10 anderen tegen alle voorstellen tot Grondwetsherziening
- -Keerde zich in 1825 tegen de oprichting van het Collegium Philosophicum te Leuven, een staatsopleiding voor priesters, en tegen het verbod aan Nederlanders om in het buitenland te gaan studeren.
- -Verliet in 1832 de Tweede Kamer, omdat hij vond dat het feit dat er minder dan 56 leden waren, ongrondwettig was
- -Protesteerde als lid van de Dubbele Kamer van 1840 tegen het feit dat Limburg niet in die Kamer vertegenwoordigd was
- -De laatste jaren als Kamerlid vaak afwezig vanwege jichtaanvallen
- -Was in 1830 voorstander van aansluiting van Noord-Brabant bij de zuidelijke Nederlanden, maar keerde zich tegen de Belgische opstand
uit de privésfeer
Zijn vader was grondbezitter
niet-aanvaarde politieke functies
- -lid Vergadering van Notabelen, 29 maart 1814 (niet verschenen)
woonplaats(en)/adres(sen)
Boxmeer
ridderorden
- -Ridder in de Orde van de Unie, 15 april 1809
- -Ridder in de Orde van de Reünie, 7 maart 1812
overige onderscheidingen en prijzen
ereburger van Amsterdam, 1810
predicaten/adellijke titels
- -jonkheer, 28 augustus 1814
- -A.M. Elias en P.C.M. Schölvinck, "Volksrepresentanten en wetgevers" (1991)
- -J.H.J.M. Witlox, "De Katholieke Staatspartij" (1919/1927)
- -Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 943
gehuwd te Kleef (Dld.), 12 november 1806
echtgeno(o)t(e)/partner
H.J.A. Hacfort tot Oosterholt, Henrica Johanna Antonia
kinderen
2 dochters en 8 zonen
vader
G.I. van Sasse van Ysselt, Gerbrandus Ignatius
geboorteplaats en/of -datum
Boxmeer, 30 januari 1746
moeder
M.C.M. de Raet, Maria Cornelia Magdalena
geboorteplaats en/of -datum
Boxmeer, 5 maart 1747
beroep grootvader (moederskant)
drost van Boxmeer
familierelaties
- -Zwager van J.L.M. Cavellier van Adrichem, lid Notabelenvergadering
- -Vader van jhr. L.J.B. van Sasse van Ysselt, Tweede en Eerste Kamerlid
- -Aangetrouwde neef van J.E.H.Th. Speyart van Woerden, lid Notabelenvergadering
- -Grootvader van jhr. A.F.O. van Sasse van Ysselt, Tweede en Eerste Kamerlid

